Elke week stellen wij een zorgvernieuwer vijf scherpe vragen. Door ons te beperken tot die vijf vragen, ‘dwingen’ we de spreker na te denken over de kern van de zaak. Vandaag stellen wij de vragen aan Sipke Smits, huisarts en initiatiefnemer van ZichtOpZorg. Op dit moment is hij samen met 24 anderen op het congres Exponential Medicine (van het ‘innovatie- en inspiratie-platform’ Singularity University) in San Diego.

Vraag 1. Je bent huisarts en initiatiefnemer van ZichtopZorg, een systeem voor veilige (beeld)communicatie in de zorg. Kan jij wat meer vertellen over jouw werkzaamheden en op welke manier jij je bezig houdt met zorginnovatie?

ZichtopZorg is een communicatiemedium voor de zorg. Een niet-money-driven initiatief onder regie van Zorgring, de stichting die de ICT-verbindingen in de zorg in Noord-Holland en voor een deel daarbuiten regelt. Uitgangspunten: Veilig, betaalbaar, eenvoudig en relevant. Je kan er mee communiceren met zorgverleners onderling op desktop en tablets en er zijn apps voor android en IOS tablets en telefoons. Het is een combinatie van Whatsapp en Skype, maar dan veilig en via eigen servers. Er is een “digitale praktijk” waarmee je beeld-consulten kunt doen met patiënten door ze via e-mail uit te nodigen. Ook kun je patiënten uitnodigen voor een veilig account, waarmee ze contact kunnen hebben met de huisartsenpraktijk of bijvoorbeeld de fysiotherapeut of thuiszorg via berichten en/of beeld.

Mijn rol is die van oliemannetje. Omdat het een communicatiemiddel is, werkt het alleen als er een ander is om mee te communiceren. Dat betekent overleg en voorlichting aan thuiszorgorganisaties, apothekers, verzorgingshuizen, zorggroepen etc. De communicatie binnen de zorg en de afstemming tussen verschillende zorgverleners en de patiënt kan echt veel beter. ZichtopZorg blijkt in onze regio een prima middel om dat voor elkaar te krijgen.

Vraag 2. Op dit moment ben jij je op het congres Exponential Medicine (van het ‘innovatie- en inspiratie-platform’ Singularity University) in San Diego. Wat hoop jij dat deze reis jou zal brengen?

Uiteraard hoop ik daar te zien wat de nieuwste ontwikkelingen zijn op medisch gebied, nu en in de nabije toekomst. Het meest verheug ik me op een week optrekken met gelijkgestemden met ervaring en interesse in innovatie. Leren van elkaar op het gebied van het voor elkaar krijgen van de dingen die nu al kunnen en echt iets toe kunnen voegen aan kwaliteit van zorg ook echt ingevoerd en gebruikt worden. Ik zoek dus meer implementatiekennis dan innovatiekennis.

Vraag 3. Na een bezoek aan dit congres, zal je op de hoogte zijn van de allernieuwste technieken in de zorg. Waar kijk jij het meest naar uit om meer over te leren, als het gaat om innovatieve technieken in de zorg?

Ik ben huisarts. Op mijn vakgebied moet we het niet zozeer hebben van revolutionaire technieken, maar meer van betere communicatie, het goed afstemmen van zorg en beter aansluiten bij de behoeften van de patiënt. Daar zal mijn aandacht vooral naar uitgaan en ik laat me graag inspireren en verrassen.

Vraag 4. Niet iedere zorgprofessional staat positief tegenover de adoptie van eHealth in zijn of haar vakgebied. Hoe kijk jij hier tegenaan en heb jij een tip voor hen?

Denk niet dat je “iets met eHealth moet”, maar benader het vanuit een probleem, dagelijkse ergernis of iets dat mogelijk een stuk beter zou kunnen. Als zo’n probleem of ergernis met behulp van eHealth opgelost kan worden, zit er altijd iets positiefs in. En mijn ervaring is: Het is niet zo dat mensen niet willen veranderen; mensen willen niet veranderd wórden. Dus kleine stappen op basis van een ervaren probleem en je hebt mensen snel mee.

Vraag 5. Wie moeten wij volgens jou aan de tand voelen met ‘Vijf Vragen Aan’?

Yvonne van Ingen, specialist ouderengeneeskunde en palliatief consulent. Yvonne is een betrokken, moderne en actief twitterende collega. Vaak wordt er gesproken over een komende tweedeling in de zorg tussen digivaardige mensen en digibeten. Ik ben benieuwd wat haar visie is op de mogelijkheden van eHealth voor de mensen waar zij voor/mee werkt.