Elke week stellen wij een zorgvernieuwer vijf scherpe vragen. Door ons te beperken tot die vijf vragen, ‘dwingen’ we de spreker na te denken over de kern van de zaak. Vandaag stellen wij de vragen aan Gabrielle Speijer, radiotherapeut in het Hagaziekenhuis.

Vraag 1. Hoe zien jouw werkzaamheden als radiotherapeut eruit?

We starten ’s ochtends met een bespreking. Hierin worden alle patiënten die bestraling ondergaan besproken. In dit overleg geven we elkaar feedback op het behandelvoorstel en bestralingsplan. Daarna zie ik zowel nieuwe patiënten met wie ik bespreek of bestraling een onderdeel kan zijn van het behandelplan, als patiënten die al in behandeling zijn (geweest).

Een eerste contact met de patiënt en familie is cruciaal. Samen met de patiënt probeer ik helder te krijgen waaraan er behoefte is en waarop ik kan helpen sturen om de behandeling zo goed mogelijk door te komen. Zo’n gesprek verloopt verschillend en kan een andere wending nemen dan vooraf gedacht.

Het werk leert me nederig te zijn, bewondering te hebben hoe mensen ondanks tegenslagen optimistisch doorzetten en geluk in het leven weten te vinden. Verder besteed ik mijn tijd onder andere aan: intekenen (definiëren van de te bestralen regio), bestralingsplannen beoordelen, administratie, monodisciplinair en multidisciplinair overleg.

Vraag 2. Samen met Fenna Heyning, internist-hematoloog en directeur Samenwerkende Topklinische opleidingsZiekenhuizen, heb je een oproep gedaan op LinkedIn onder de naam #doctorsneedIT! Wat hopen jullie met deze oproep te bereiken?

Ik werd gevraagd voor het begeleiden van twee workshops door HIMSS (Healthcare Information and Management Systems Society). De opzet van HIMSS afgelopen jaar was totaal anders dan eerder. Niet alleen geïnspireerd worden door uiteenlopende innovatieve zaken en uitwisseling van inzichten tussen de diverse disciplines. Maar vooral alle deelnemers terug naar huis te laten keren met eigen concrete punten om tot actie over te gaan.

Bij de workshop ‘unleashing the power of data through primary and secondary use’ kwamen meteen vragen vanuit ons perspectief als zorgverlener op: Zorgvragers sturen steeds meer data naar het ziekenhuissysteem Hoe haal je uit al die data zinvolle informatie? Hoe zorg je dat de juiste persoon de juiste gegevens krijgt en gepaste actie onderneemt. Hoe zorg je voor zinvolle alerts, zonder een overload aan signalen te creëren en behandelaars een ‘data burn-out’ te bezorgen? Wie is dan voor wat verantwoordelijk? Moeten we elke nieuwe vorm van dataoverdracht wetenschappelijk onderbouwen? Deze vragen wilde Fenna met mij aankaarten om in combinatie van praktijk en beleid, actie te nemen.

Vraag 3. Van welke innovatie in de zorg ben jij erg onder de indruk?

Voortbordurend op de actie die Fenna en ik hebben gestart, werd ik geïntrigeerd door het gebruik van eenheid van taal om tot deze toepassingen te komen: uitwisseling van data.

Gesteund door FMS, Nictiz en Informatieberaadzorg heb ik recent de hashtag #Snomed4NL gelanceerd. Daarmee willen we de implementatie verder helpen door discussie op te roepen. Deze innovatie wordt vooruitgeholpen als mensen aangeven wat de positieve ervaringen, nieuwe ideeën en knelpunten zijn. Bij deze nog eens de oproep: volg de hashtag #Snomed4NL en neem deel aan de discussie!

Vraag 4. Welk advies zou jij willen meegeven aan (jonge) zorgvernieuwers die een bijdrage willen leveren aan de verbetering van de zorg?

Realiseer je dat anderen ook weleens wat minder enthousiast kunnen zijn over innovaties. Luister goed naar de argumenten en probeer ze in jouw pleidooi te weerleggen. Laat dit je enthousiasme vooral niet wegnemen!

Vraag 5. Wie moeten wij volgens jou aan de tand voelen met ‘Vijf Vragen Aan’?

Ondanks het feit dat ik liever nóg een paar namen noem, is Rick Pleijhuis (internist i.o., MD PhD) wat mij betreft een pracht voorbeeld van de moderne arts. En dan niet omdat hij parttime werkt, maar om de reden dat hij dit doet: 1 week per maand inruimen om de zorg te verbeteren! Wat hij precies doet, houd ik nog spannend tot de volgende Vijf Vragen Aan, maar ik ben overtuigd dat de kennisoverdracht tussen de disciplines (en dan bedoel ik juist ook beleid, IT… en alle andere disciplines erbuiten) het verschil maakt de zorg wezenlijk te verbeteren.