…denkt u dat wij samen klaar zijn voor de (digitale) toekomst?

Dit is niet het begin van een slechte grap of het vervolg op het beroemde boek van Kluun. Het refereert aan het discussie paper die door Nictiz in maart 2018 is uitgebracht gericht op de ‘digitale’ toekomst van de huisarts. Ik ben in de gelukkige omstandigheid geweest om het paper samen met en op verzoek van Nictiz te schrijven. Een groot aantal interviews zijn ten behoeve van het paper gevoerd met verschillende huisartsen, zorggroepen, IT-leveranciers, LHV, NHG, InEen, ZN en VZVZ. Inmiddels zijn we een half jaar verder en is er echt voortgang op het digitaliseringsdossier. Begin juli bereikten minister Bruno Bruins en partijen uit de huisartzorg een hoofdlijnenakkoord voor de jaren 20199-2022. Meer budget voor huisartszorg gaat onder meer naar de verbetering van de ICT-infrastructuur en eHealth toepassingen. In deze blog ga ik in op de hoofdlijnen van het paper.

De huisartsenzorg is een groot goed en echt iets om trots op te zijn. We realiseren ons niet altijd hoe goed het in Nederland is geregeld. Nu en in de toekomst is de huisartsenzorg een belangrijke sleutel tot een duurzame, doelmatige, persoonsgerichte gezondheidszorg dicht bij huis en van een hoge kwaliteit. Digitalisering zal daarbij, of we het wel of niet willen, een steeds grotere rol spelen. Digitalisering is in alle haarvaten van onze samenleving aanwezig en exponentieel aan het toenemen, en jazeker ook in de zorg!

Huisartsen hebben nationaal en internationaal altijd voorop gelopen als het gaat om digitalisering. Vanuit de historie zijn huisartsen al vroeg in de jaren 80 begonnen met automatisering. Hierbij is niet zomaar wat geprobeerd. Nee, de ontwikkeling van Huisarts Informatie Systemen (HIS’sen) is echt doordacht en structureel uitgevoerd met behulp van het huisartsen referentie model. Huisartsen hebben zich dan ook jaren en jaren kunnen verbazen dat zij wel beschikten over een elektronisch patiënten dossier, terwijl de Ziekenhuizen, VVT en GGZ heel lang rond zijn blijven lopen met grote stapels papieren dossiers.

“In 2018 zijn het nog steeds de huisartsen die “digitaal” de meeste dossiers bijhouden van patiënten in Nederland (meer dan 90% van alle Nederlanders)”

Door de jaren heen is het IT-landschap en de IT-markt voor huisartsen steeds complexer en minder overzichtelijk geworden. Naast de HIS’sen zijn er Keten Informatie Systemen (KIS’sen) gekomen en aparte systemen voor de huisartsenpost (HAPIS’sen). Inmiddels worden er naast de HIS’sen en KIS’sen nog vele andere IT-oplossingen (los) aangeboden waar de huisarts iets mee moet/kan doen: veilig mailen, veilig chatten, apps en websites ten behoeve specifieke ziekten en patiëntengroepen, portalen, PGO’s, eConsult-, beeldbel- en diverse self-management oplossingen. Staat de huisarts alleen als het gaat om digitalisering? Uiteraard niet, in de directe omgeving van de huisarts zijn vele zorgaanbieders erg actief als het gaat om digitalisering. De ziekenhuizen hebben een enorme “digitale” inhaalslag gemaakt. Zij hebben de afgelopen jaren vele honderden miljoenen geïnvesteerd in EPD’s en zijn nu met VIPP druk bezig met het “het bouwen” van patiëntenportalen (zie eerdere blog: 3 valkuilen om als ziekenhuis EUR 1 miljoen te verliezen).

De VVT heeft ingezet op “vernieuwing” van Elektronische Cliënten Dossiers. De GGZ heeft de afgelopen jaren veel ontwikkeling laten zien op het gebied van eHealth. Zelfs gemeentes beginnen actief te worden op het gebied van digitalisering met inwoners/zorg-portalen. Landelijk speelt er ook van alles. Met programma’s als o.a. MedMij, VIPP I en II, VIPP GGZ en huisartsen (OPEN) wordt organisatorisch, financieel en technisch ingezet op het vergroten van de “digitale” interactie tussen patiënt en zorgprofessional (incl. ontwikkelen standaarden). Is dit dan alles? Nee, er zijn er nog vele andere trends die niet meer te stoppen zijn. Denk daarbij aan ontwikkelingen zoals AI, BOTS, Big Data, etc. en maar niet te zwijgen over de AVG en security.

Volgt u het als lezer allemaal nog? En volgt de huisarts het nog. Nee, is mijn antwoord. Regelmatig word ik gevraagd om voor huisartsen, paramedici, medisch specialisten en bestuurders te spreken over digitale transformatie. Na de bovenstaande opsomming en de vele afkortingen ben ik de zaal altijd volledig kwijt. Om vervolgens een stortvloed van vragen over mij heen te krijgen.

“De roep om en behoefte aan ‘digitale’ duiding bij dokters en andere zorgprofessionals is groot”

En dat is meer dan terecht. Voor de hardwerkende ondernemende huisarts en andere zorgprofessionals is het nagenoeg onmogelijk om al deze ontwikkelingen als individu, groepspraktijk of zorggroep te volgen. Laat staan, de zin en de onzin te scheiden om daarna ook nog praktisch, betaalbaar, veilig, tijdig de juiste “digitale” keuzes te maken.

Digitaliserings-paradox

Terug naar de huisartsen en de kernvragen die in het rapport beantwoord moesten worden: Is er een probleem met IT in de eerstelijnszorg voor huisartsen en zo ja, wat is het probleem? Het antwoord op het eerste gedeelte van deze vraag is: “JA”, er is zeker een probleem. Of zoals in het rapport wordt aangegeven, er zijn zelfs 5 problemen. Deze problemen zijn urgent en het oplossen vraagt om een gecoördineerde aanpak. Geconcludeerd wordt dat de eerstelijns IT oplossingen, de huisartsen zelf en de IT-markt op dit moment (nog) niet klaar zijn voor de (digitale) toekomst. Er bestaat een gat tussen waar de sector nu staat en waar deze zich naar alle verwachting heen gaat bewegen. De digitalisering van de eerste-lijn bevindt zich in een interbellum fase die niet vanzelf voorbij gaat en zich vanzelf snel oplost (zie figuur). Geconcludeerd wordt dat doorgaan op dezelfde voet geen optie is. Versnelling en verandering is noodzakelijk. Dit om de sleutelrol ook in de toekomst waar te kunnen blijven maken die huisartsen strategisch en maatschappelijk in de zorg hebben. Het is belangrijk dat de ‘connected Huisarts’ als wenkend perspectief een sterke positie krijgt in het realiseren van een duurzame, doelmatige, persoonsgerichte gezondheidszorg dicht bij huis en van een hoge kwaliteit.

Hup, hup, opschieten …veranderen en versnellen dan maar zult u zeggen in deze tijd van digitale disruptie! Dat is nog niet zo eenvoudig. In de sector is namelijk iets bijzonders aan de hand. Er is sprake van een digitaliserings-paradox:

De huisarts is tevreden over het dagelijks gebruik van IT en gewenning is ontstaan aan “ongemak”
versus
In de nabije toekomst is een “digitale transformatie” noodzakelijk zodat de eerstelijn de sleutelrol waar kan maken die zij strategisch en maatschappelijk in de zorg krijgt toegedicht.

De benchmarkonderzoeken die de LHV uitvoert laten ook in 2018 weer zien dat huisartsen best tevreden zijn over de HIS’sen. Ook wordt er door huisartsen veel waarde gehecht aan routine en het vasthouden van het goede en het bekende. In een interview werd aangegeven dat “je raakt gewend aan het ongemak dat je met IT hebt”. Huisartsen zijn tevens niet per definitie IT-minded. IT en de visie daarop zit niet in de opleiding en de dagelijkse routine. Ook is het zo dat de “winst” om op het gebied van IT te veranderen onvoldoende aanwezig en niet duidelijk is. Een huisarts, HA-praktijk, zorggroep en gezondheidscentrum die van IT-leverancier verandert haalt extra werk, kosten en risico’s binnen de muren van zijn/haar onderneming. Hij/zij wordt, zoals een van de geïnterviewden aangaf, gevraagd om anders te leren zwemmen zonder dat duidelijk is of de overkant met de andere “slag” wordt gehaald. Je weet wat je hebt en niet wat je krijgt. Inzicht ontbreekt in alternatieven, niet altijd is duidelijk wat de continuïteit en strategie is van IT-leveranciers. Onbekend is waar “digitalisering” zich de komende jaren voor de huisarts zich naartoe ontwikkelt. De sector lijkt door de ontstane situatie een richting te zijn ingeslagen waarbij de focus primair op de korte in plaats van de lange termijn wordt gelegd. Wet- en regelgeving, integratie en het oplossen van speerpunten (o.a. verhuisberichten-problematiek) zijn de belangrijkste prioriteiten. Vernieuwing vindt ongericht plaats en wordt beperkt door de kaders waarbinnen huisartsen en IT-leveranciers acteren (o.a. visie, structuur, cultuur, mensen en middelen). Daarbij ligt de digitale aandacht vaak “binnen de muren” van de huisartsenpraktijk in plaats van buiten de praktijk, de regio en de gehele keten.

Wat zijn de oplossingsrichtingen?

Het antwoord op het probleem van de eerstelijnszorg IT ten behoeve van huisartsen is niet eendimensionaal. De huisartsen staan op een kruispunt en er moet nu een richting worden gekozen. Afwachten en voortgaan op de huidige weg is geen optie omdat de regie op de aanpak dan verschuift naar andere partijen, en wellicht andere sectoren. In het rapport wordt ingegaan op twee keuzes waar de sector voor staat:

1. Krachtig investeren in het ontwikkelen van integrale regionale oplossingen onder regie van de eerstelijnspartijen, waarbij innovatie en kwaliteitsborging een centrale rol spelen. Daarbij is het noodzakelijk dat de eerste lijn bereid is de bestaande structuren, processen en IT-invulling ter discussie te stellen en accepteert dat evolutie mooi is waar het kan, maar revolutie nodig is waar het moet.

OF

2. De samenwerking wordt gezocht met en geaccepteerd wordt dat krachtige partijen (financieel sterk, met wortels in 2de en 3de lijn) expanderen naar de eerstelijn met platformoplossingen voor regionale zorg ICT.

Deze keuze bepaalt de richting van een actieplan waarin de in het rapport beschreven oplossingsrichtingen een plek moeten krijgen. Zonder deze keuze verliest de sector zeggenschap. De belangrijkste boodschap van het rapport is dat…

…huisartsen moeten eerst zelf de “digitaliserings-paradox” doorbreken. Het ‘probleem’ moet voor alle actoren duidelijk zijn en er moet een breed gevoel van urgentie ‘een burning platform’ zijn wil er iets veranderen. Belangrijk is dat motivatie intrinsiek vanuit de huisartsen zelf komt en dat de visie op de toekomst niet wordt geleid door emotie…

Ik moet eerlijk zeggen dat ik zelf, en ik denk ook de meeste huisartsen nog nooit op een brandend platform hebben gestaan. Dus het is wellicht een illusie om echt dat gevoel te creëren en in middels een rapport op te roepen. Wellicht moet het iets minder dramatisch worden neergezet: Er is op zijn minst sprake van een heel vervelend steentje in de schoen van de huisartsenzorg die in de nabije toekomst zo een pijn gaat doen dat een goede huisarts zou adviseren er wat aan te doen om de “race” te kunnen vervolgen.

In het rapport worden meerdere oplossingsrichtingen gegeven. Deze oplossingsrichtingen zijn niet volledig en zijn slechts een aanzet tot de discussie en activiteiten om de “digitaliserings-paradox” en de benodigde verandering in gang te zetten. Vijf daarvan zijn:

  1. Ontwikkel als huisartsen een ‘digitale’ toekomstvisie, roadmap met mijlpalen. Voorgesteld wordt dit op landelijk niveau te doen, waarbij de IT-leveranciers pre-competitief met de koepels en gebruikersverenigingen, aantal regio’s, etc. samen gaan zitten om de “digitaliserings-“visie en roadmap op te stellen. Inmiddels is hier hard aan gewerkt;
  2. Zet een model op voor het formuleren van eisen, toetsen en borgen, zodat er zicht en grip wordt verkregen op de kwaliteit van de systemen die in de huisartsenzorg worden gebruikt: HIS, HAPIS, KIS en multidisciplinaire samenwerkingsplatformen. Overwogen kan worden om op basis hiervan het gebruik van gekwalificeerde systemen in de huisartsensector af te dwingen. Inmiddels is deze lijn ingezet;
  3. Versterk de organisatie rondom “digitalisering” en zet daarbij de regio centraal. De kennis en de capaciteit ten aanzien van ‘digitalisering’ van de eerstelijnszorg sector breed dient te worden vergroot door deze te bundelen op regionaal niveau met landelijke support. In het bestuurlijk akkoord is hier geld voor vrijgemaakt;
  4. ‘Dwing’ de markt om zich modulair en richting platformen te ontwikkelen. Dit in lijn met internationale en ontwikkeling in andere sectoren.
  5. Maak echt werk van het “digitaal” scholen van de eerstelijn en experimenteer en leer door op drie tot 5 plekken in Nederland door het opzetten van “digitaliserings-” proefomgevingen of living labs.
Tot slot

Over de inhoud van de analyse en de oplossingsrichtingen in het rapport kan worden gediscussieerd. Sterker, er moet over worden gediscussieerd om met de directbetrokkenen aan de visie en de roadmap invulling te geven. Vanuit het maatschappelijk belang van de eerstelijnssector en de urgentie die uit de interviews naar voren is gekomen, is het van groot belang dat ook de overheid en verzekeraars bij deze discussie aansluiten.

Het begint bij de eerder aangegeven keuze. De aanpak is gebaat bij stevige positionering vanuit de sector, het nadrukkelijk en expliciet uitdragen van de keuze en het openstaan voor samenwerking om deze keuze te bewerkstelligen. Voor mij staat vast dat de huisarts op het gebied van digitalisering de komende jaren stormachtige ontwikkelingen gaat doormaken. Of dat helemaal gaat verlopen volgens het patroon Dokter 1.0 naar 2.0 en 3.0, zoals ik die eerder beschreef in de blog: “Help Dokter 2.0 heeft een burn-out en de oorzaak is digitalisering.”

Ik wens u wederom veel digitale wijsheid toe!

Jan de Boer – Partner en owner We Do Trust

wdt-002-gg-high-resolution-e1453995522729