Het blok van mijn studie Klinische Technologie dat ik nu volg, gaat volledig in op de Intensive Care afdeling. Een afdeling die bij iedereen wat losmaakt. Misschien omdat je er eigen herinneringen aan hebt, of omdat je verhalen hebt gehoord van anderen. Op de Intensive Care is het dag en nacht hard werken om de meeste kritieke toestand van de patiënten onder controle te houden.

Vlak voor de kerstvakantie mochten wij een bezoek brengen aan de intensive care van het LUMC. Ongeveer vier jaar geleden was ik hier eerder geweest voor een bezoek aan een familielid. In die vier jaar dat ik er niet bengeweest, is er al weer behoorlijk wat veranderd. Een kamer op de intensive care bevat ontzettend veel technologie, en de hoeveelheid zal alleen maar verder toenemen. Ik kan als Klinisch Technoloog natuurlijk niet zeggen dat ik daar tegen ben, maar het neemt niet weg dat het een heftig gezicht is als je op ‘zoek’ bent naar de patiënt.

In de praktijk

Met een klein aantal studenten mochten we bij een patiënt op de kamer kijken. In ons geval een patiënt die volledig buiten bewustzijn was, en alle technologische hulpmiddelen nodig had om in leven te blijven. Het voelde ergens wel raar om bij een patiënt in de kamer te zijn die daar zelf niets vanaf wist. Maar het was vooral erg leerzaam om alles van dichtbij te zien. Stuk voor stuk liepen we alle apparatuur in de kamer af, van ECMO tot maagsonde, en van beademingsapparatuur tot de camera.

Vervolgens kregen we nog een uitgebreide rondleiding in de simulatiekamer waar we zelf mochten voelen hoe het is om beademd te worden. Ik kan je vertellen; een heel raar gevoel. Ik vind het erg indrukwekkend om te zien wat er tegenwoordig allemaal al mogelijk is met sensoren, bijvoorbeeld het bed die informatie geeft over het gewicht en de houding van de patiënt. Dit deed me gelijk weer denken aan één van mijn eerdere columns over Momo Medical die bezig zijn met het ontwikkelen van sensoren in het bed die zelfs de hartslag en de ademhaling van de patiënt gaan monitoren. Een erg interessant ontwikkelingsgebied in de medische hoek, en eentje waarin ik me graag verder in wil verdiepen.

Data aflezen

Thuis konden we verder met onze opdracht, een matlab (programmeerprogramma) script schrijven om de data van patiënten afkomstig van de IC op een snelle en duidelijke manier af te lezen. Samen met mijn groepje dacht ik dat het moeilijkste gedeelte erop zat, na het programmeren, maar wat zijn er veel parameters gemeten bij zo’n patiënt en wat is het lastig om te bepalen welke het meest relevant zjin. De opdracht bestond dan ook voor een deel uit bepallen welke parameters, die wat zeggen over de hemodynamiek, het belangrijkste zijn. Na het presenteren bleek dat iedereen zich toch teveel had gefocust op de patiënt zelf, dus bijvoorbeeld de bloeddruk. Maar wat zegt de bloeddruk eigenlijk over een patiënt als deze compleet in leven wordt gehouden door medicijnen en apparatuur? In een situatie zoals op de IC is het dus veel belangrijker om de parameters van de apparatuur in de gaten te houden. Daaruit blijkt maar weer hoe belangrijk deze apparatuur is op de intensive care.

Lisanne de Moel is studente Klinische Technologie aan het Erasmus MC, het LUMC en de TU Delft.