Elke week stellen wij een zorgvernieuwer vijf scherpe vragen. Door ons te beperken tot die vijf vragen, ‘dwingen’ we de spreker na te denken over de kern van de zaak. Vandaag stellen wij de vragen aan Sophia de Rooij, hoogleraar Interne geneeskunde Ouderengeneeskunde/Geriatrie in het Universitair Medisch Centrum Groningen.

Vraag 1. Naast hoogleraar ben je ook waarnemend afdelingshoofd Interne Geneeskunde, hoofd van het Universitair Centrum Ouderengeneeskunde en directeur van het Alzheimercentrum Groningen. Hoe ziet een gemiddelde werkweek binnen deze verschillende functies er voor jou uit?

Ik probeer mijn tijd zo efficiënt en effectief mogelijk over al deze taken te spreiden, de contacten met mensen heb ik zoveel mogelijk overdag of aan het begin van de avond en ik probeer door de week als het nodig is dit ’s avonds uit te werken, in het weekend schrijf ik en lees ik bij ter inspiratie en bereid ik me voor op de komende week.

Vraag 2. Anne-Miek Vroom van IKONE noemde jou eerder in deze rubriek een ‘zeer innovatieve arts’. Op welke manieren houd jij je bezig met (digitale) innovatie in de zorg en wat motiveert je om hier op zo’n actieve manier mee bezig te zijn?

De demografische vraag die op de zorg en op de maatschappij afkomt: meer ouderen en minder arbeidskrachten voedt nu eenmaal de behoefte & de noodzaak om nu al anders naar zorgvraagstukken te kijken. Of dat nu gaat over beter onderling samenwerken tussen professionals en verbinden van kennis zodat zorgtrajecten verbeteren of onnodige dubbelingen eruit gaan of over het gebruik van digitale producten zoals e-health en serious games, zoals we het nu doen is onvoldoende toekomstbestendig. Ik denk daar graag over mee. En wat goed is voor ouderen is ook goed voor andere patiënten.

Ik ben er verder sterk van overtuigd dat we nog veel meer meters kunnen maken als we aanbod op gebied van zorgtechnologie nog beter kunnen afstemmen op de vraag. Het aanbod is vooral gericht op kwetsbare ouderen, hun vraag wordt vaak vooral verondersteld maar het aanbod wordt niet altijd ontwikkeld in co-creatie. Projecten zoals de Transmurale Zorg Brug of Hospital At Home zijn ontwikkeld met patiënten zelf. Dit geldt ook voor de Vitaliteitwijzer en de serious games die we hebben gemaakt.

Vraag 3. Vanaf 1 februari ben je de eerste vrouwelijke bestuursvoorzitter van Medisch Spectrum Twente. Hoe hoop jij binnen het MST bij te gaan dragen aan een verdere ontwikkeling van (digitale) innovatie en implementatie?

Ik hoop samen met de collega’s van het MST, zowel de mannelijke als de vrouwelijke, de universiteit Twente, o.a. technische geneeskunde, als met andere zorgpartners zoals huisartsen, thuiszorgorganisaties, revalidatie en naburige ziekenhuizen een impuls te kunnen geven aan nog meer regionaal samenwerken, het verbinden van zorg en technologie en ons hard te maken voor gezondheidsbevordering, al dan niet met behulp van technologie.

Vraag 4. Het zorglandschap verandert snel en dat heeft veel invloed op de rol van de zorgverlener. Hoe denk jij dat de rol van de zorgverlener er over tien jaar uitziet?

Eerlijk gezegd hebben we dan nog steeds behoefte aan betrokken, kundige en bevlogen professionals zoals we ze nu kennen, ze zullen waarschijnlijk hier en daar wel wat meer kennis en kunde hebben van de technologische mogelijkheden en hier en daar ook wel wat vertrouwder hier mee om kunnen gaan. De grootste stappen zie ik echter de patiënt van de toekomst maken die steeds meer zijn eigen rol in zijn zorg zal helpen vormgeven. Daar moeten we ook de ruimte creëren om de goede dingen te doen voor de goede mensen op het goede moment.

Vraag 5. Wie moeten wij volgens jou aan de tand voelen met ‘Vijf Vragen Aan’?

Prof. dr. Johanneke Portielje is hoogleraar Oncologie i.h.b. voor ouderen aan het LUMC. Het denken over optimale behandeltrajecten van kwetsbare ouderen met een oncologische ziekte is al jaren bij haar in goede handen en zij geeft met verve invulling aan het anders denken hierover.